Alleen verplicht tot een energiebesparing als het voor uw bedrijf (tijdig) rendabel is

Al vele jaren vindt er een juridische discussie plaats tussen bedrijven en gemeenten. Kern van die discussie is dat veel gemeenten menen dat zij bedrijven kunnen verplichten tot het nemen van energiebesparende maatregelen. Simpelweg omdat – kort gezegd – bepaalde maatregelen in een branche als ‘best beschikbare techniek’ worden aangemerkt en de terugverdientijd van het investeren in die maatregel in het algemeen korter is dan 5 jaar.

Uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 23 mei 2018 blijkt (eindelijk) dat enkel deze redenering niet opgaat. Altijd moet worden beoordeeld of een energiebesparende maatregel voor de specifieke inrichting zelf binnen 5 jaar wordt terugverdiend. Is dat niet het geval, kan een maatregel niet verplicht worden opgelegd.

Wat was er aan de hand?

In deze zaak is een zevental supermarkten van Aldi door verschillende stadsdelen in Amsterdam verplicht om haar koelmeubelen af te dekken. Deed zij dat niet, dan werden dwangsommen verbeurd. De stadsdelen baseerden zich hierbij op artikel 2.15 van het Activiteitenbesluit. Daarin is namelijk bepaald dat – kort gezegd – iedereen die een inrichting drijft alle energiebesparende maatregelen moet nemen die binnen 5 jaar kunnen worden terugverdiend.

Voor de supermarktbranche in algemene zin is onderzoek gedaan, waaruit volgt dat de investering in afdekking van (verticale) koelmeubelen binnen 5 jaar wordt terugverdiend. Dit blijkt onder meer uit opgestelde informatiebladen van SenterNovem/Infomil naar aanleiding van de verrichte onderzoeken. Vandaar dat de stadsdelen zich bevoegd achten tot het verplicht opleggen van het nemen van deze maatregel.

Brancheniveau of inrichtingsniveau?

Aldi is het niet met dit standpunt eens. Aldi stelt daarbij dat zij in haar supermarkten al verschillende energiebesparende maatregelen heeft genomen. Voor de supermarkten waar de stadsdelen de verplichting tot afdekking hebben gesteld, zal de terugverdientijd van het nemen van maatregelen voor het afdekken van haar koelmeubelen dan ook langer zijn dan 5 jaar.

De Afdeling moet daarmee de vraag beantwoorden of er een berekening op brancheniveau of inrichtingsniveau moet plaatsvinden.

De Afdeling velt hierover een principieel oordeel: altijd moet worden gekeken of een energiebesparende maatregel voor een specifieke inrichting rendabel is (binnen 5 jaar wordt terugverdiend). Weliswaar mag in zijn algemeenheid worden uitgegaan van algemene gegevens uit de branche, maar er bestaat altijd ruimte voor een ondernemer om aannemelijk te maken dat een energiebesparende maatregel in zijn specifieke inrichting een terugverdientijd van meer dan 5 jaar heeft.

Eindeloze discussie: Het Activiteitenbesluit bepaalt nu eenmaal de norm

Het standpunt van de stadsdelen dat dit leidt tot een eindeloze discussie en onzekerheid in de praktijk over de vraag waartoe een inrichting kan worden verplicht legt de Afdeling naast zich neer. Voor zover deze gevolgen zich al zouden voordoen geeft de Afdeling aan dat dit nou eenmaal voortvloeit uit de gestelde norm die een nadere invulling behoeft.

In deze zaak heeft Aldi voor al haar zeven vestigingen aangetoond dat de terugverdientijd langer is dan 5 jaar, waarmee de Afdeling oordeelt dat de stadsdelen Aldi niet kunnen verplichten tot het afdekken van haar (verticale) koelmeubelen.

Conclusie

Uit deze uitspraak kan aldus worden afgeleid dat, als u geconfronteerd wordt met een verplichting tot het nemen van een energiebesparende maatregel, het altijd raadzaam is om na te gaan of die maatregel voor u (binnen 5 jaar) rendabel zal zijn.

Arjan Loo.

Advocaat: Omgeving en overheid

23 mei 2018 Kennis

Stuur Arjan een reactie

  • Bescherming persoonsgegevens:
    U kunt erop vertrouwen dat wij uw persoonlijke gegevens verwerken volgens onze privacy policy.