Wijzigingen en ontwikkelingen op arbeidsrechtelijk gebied in 2019

Ook in 2019 staan weer verschillende veranderingen gepland waar u als werkgever rekening mee moet houden. Graag nemen wij in vogelvlucht de belangrijkste (wets)wijzigingen en ontwikkelingen voor 2019 met u door.

  • De stand van zaken rondom de WAB en de wet DBA
  • Wet Normering Topinkomens: sectorale normen, Uitvoeringsregeling WNT 2019 en Beleidsregels WNT 2019 vastgesteld
  • Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
  • Indexering transitievergoeding
  • Wet invoering extra geboorteverlof (Wieg)
  • Verhoging AOW-gerechtigde leeftijd
  • Geen auto’s meer met 0% bijtelling
  • De 30%-regeling verkort naar vijf jaar

Bij vragen staan we uiteraard graag voor u klaar!

Met vriendelijke groet,

Annemarie, Antoinette, Lonneke, Nieske, Pauline en Ruud

 

De stand van zaken rondom de WAB en de wet DBA

Afgelopen jaar hebben wij u geïnformeerd over het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans (WAB), die het aantrekkelijker moet maken om mensen in vaste dienst te nemen. De WAB maakt onderdeel uit van een breder pakket van maatregelen dat de arbeidsmarkt moet gaan hervormen. Een ander belangrijk onderdeel uit dat pakket is de positie van de (schijn)zelfstandige, waar eerder de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) voor werd opgetuigd. Graag stellen we u op de hoogte van de laatste stand van zaken.

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB)

Het belangrijkste doel van de WAB is het aantrekkelijker maken voor werkgevers om mensen in vaste dienst te nemen. De wet is in november ingediend bij de Tweede Kamer. De nieuwe wet treedt naar verwachting vanaf januari 2020 in werking, als zowel de Eerste en de Tweede Kamer ermee hebben ingestemd. Enkele belangrijke wijzigingen:

  • De introductie van een ‘cumulatiegrond’, die het combineren van ontslaggronden mogelijk maakt.
  • De opbouw van de transitievergoeding verandert. Opbouw vindt vanaf de eerste werkdag plaats (in plaats van na twee jaar).
  • De proeftijd wordt verlengd tot maximaal vijf maanden bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.
  • De ketenregeling wordt weer uitgebreid naar drie contracten in drie jaar tijd.
  • Payrollwerknemers worden gelijkgesteld aan ‘gewone’ werknemers en worden uitgezonderd van het uitzendregime.
  • Oproepkrachten die geen vast aantal uren werken moeten na twaalf maanden een aanbod krijgen van hun werkgever voor een vaste arbeidsomvang die gelijk is aan het gemiddelde van het aantal gewerkte uren in de twaalf maanden ervoor. Een nuluren- of min-maxovereenkomst kan in beginsel dus niet langer meer duren dan één jaar.

De wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA)

De Wet DBA moest duidelijkheid scheppen over het onderscheid tussen een arbeidsovereenkomst met een werknemer en een opdrachtovereenkomst met een zzp’er. De wetgever slaagde daar niet in en leek het er alleen maar ingewikkelder op te maken. In februari van dit jaar besloot het kabinet daarom om de wet niet te handhaven (behalve ten aanzien van kwaadwillenden) en in plaats daarvan in te zetten op nieuwe regelgeving.

Op dit moment is de positie van de zelfstandige nog niet goed geregeld en een nieuwe regeling laat ook nog even op zich wachten, werd in november 2018 bekend. De invoering van de opvolger van de Wet DBA zelf is namelijk uitgesteld tot januari 2021, omdat de kabinetsplannen om schijnzelfstandigheid bij zzp’ers aan te pakken volgens de Europese Commissie in strijd zijn met het EU-recht.

Per 1 januari 2019 wordt wel verduidelijkt wanneer sprake is van een gezagsverhouding, zodat opdrachtgevers handvatten krijgen om te beoordelen of sprake zou moeten zijn van een dienstbetrekking. Wij zullen u in 2019 uiteraard informeren over de ontwikkelingen rondom de WAB en de wet DBA.

Wet Normering Topinkomens: sectorale normen, Uitvoeringsregeling WNT 2019 en Beleidsregels WNT 2019 vastgesteld

Voor 2019 is het algemene bezoldigingsmaximum vastgesteld op € 194.000,-. Voor verschillende sectoren (o.a. zorg, onderwijs, cultuur, woningcorporaties) zijn onder dit algemene maximum specifieke bezoldigingsklassen met verlaagde maxima vastgesteld. Een aantal belangrijke wijzigingen in 2019 ten opzichte van 2018 zijn verder, samengevat:

  • Van een aantal bezoldigingscomponenten van de topfunctionaris is duidelijker vastgelegd in hoeverre deze tot bezoldiging in de zin van de WNT moeten worden gerekend. De afkoop van vakantiedagen valt onder voorwaarden niet langer onder de bezoldiging. Dat geldt eveneens voor de werkgeversbijdragen aan fondsen voor scholing en ontwikkeling en een compensatie voor loonderving na een bedrijfsongeval of bij een beroepsziekte.
  • Er is verduidelijkt hoe om te gaan met een pro forma rechterlijke uitspraak in het kader van ontslagvergoeding. Als de rechter in een pro forma-uitspraak instemt met een tussen partijen afgesproken ontslagvergoeding die hoger is dan het op grond van de WNT toegestane maximum, dan is deze vergoeding niet langer onverschuldigd betaald. Eerder gold dat dit wel het geval was, omdat het standpunt was dat bij een pro forma-uitspraak geen rechterlijke toets plaatsvindt. Dat standpunt is nu dus gewijzigd.

Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag

Het wettelijk brutominimumloon (WML) gaat omhoog

Per 1 januari 2019 gelden de volgende minimumbedragen voor werknemers van 22 jaar en ouder:

  • € 1.615,80 per maand (juli 2018: € 1.594,20 per maand)
  • € 372,90 per week (juli 2018: € 367,90 per week)
  • € 74,58 per dag (juli 2018: € 73,58 per dag)

Vanaf 1 juli 2019 stijgt ook het minimumjeugdloon. Voor jeugdigen geldt een vast percentage van het wettelijk minimumloon. Voor 18-jarigen gaat een percentage van 50% gelden, voor 19-jarigen een percentage van 60% en voor 20-jarigen een percentage van 80%. 21-jarigen krijgen recht op het volledig wettelijk minimumloon.

Gewijzigde regeling tijd-voor-tijd

Als werknemers overwerken, mag dat worden gecompenseerd in tijd. Tijd-voor-tijd, zo staat de regeling ook wel bekend. Voor werknemers die het minimumloon ontvangen geldt dat tijd-voor-tijd alleen is toegestaan voor zover in ieder geval het minimumloon aan hen wordt uitbetaald. Ook moet het schriftelijk worden overeengekomen tussen werkgever en werknemer. Vanaf 1 januari 2019 geldt de aanvullende eis dat de toepasselijke cao in een tijd-voor-tijdregeling moet voorzien. Voor uitzendkrachten geldt daarbij de cao van de inlener. Sinds 1 januari 2018 gold al dat ook 8% vakantiegeld moet worden betaald over de gewerkte overuren.

Indexering transitievergoeding

Per 1 januari 2019 stijgt de maximale transitievergoeding van € 79.000,00 bruto naar € 81.000,00 bruto. Indien het bruto jaarsalaris hoger is, dan geldt dat jaarsalaris als de maximale transitievergoeding.

Wet invoering extra geboorteverlof (Wieg)

Vanaf 1 januari 2019 krijgen werknemers een week betaald verlof als hun partner bevalt. Dit is een verhoging van drie dagen ten opzichte van de huidige twee dagen betaald verlof. De werknemer kan ervoor kiezen om het verlof meteen na de geboorte op te nemen, maar mag dat ook op een later moment doen - zolang het maar tijdens de eerste vier weken na de bevalling gebeurt.

Verhoging AOW-gerechtigde leeftijd

De AOW-gerechtigde leeftijd stijgt in 2019 verder. Vanaf 1 januari 2019 is de AOW-gerechtigde leeftijd 66 jaar en 4 maanden. De AOW-leeftijd stijgt nog verder tot 67 jaar in 2021, en wordt vanaf 2022 gekoppeld aan de levensverwachting. Dit betekent dat de AOW-leeftijd in 2022 67 jaar en 3 maanden is en daar in 2023 op blijft staan.

Geen auto’s meer met 0% bijtelling

Tot eind 2013 reden werknemers met (plug-in) hybride auto’s van de zaak met 0% bijtelling. Op grond van een overgangsregeling bleef dit percentage nog 60 maanden toepasbaar, maar vanaf 1 januari 2019 geldt een percentage van maar liefst 25%. Ook voor een volledig elektrische auto gaat de bijtelling omhoog. Afhankelijk van de catalogusprijs gaat een percentage van 4% dan wel 22% gelden.

Vanaf 1 januari 2019 geldt geen fiscaal voordeel meer voor zuinige auto’s en rijden er dus geen auto’s meer met 0% bijtelling.

De 30%-regeling verkort naar vijf jaar

De 30%-regeling is een fiscale regeling waardoor werkgevers een deel van het loon (maximaal 30%) belastingvrij kunnen vergoeden aan buitenlandse werknemers die tijdelijk in Nederland werken. De duur van de regeling was acht jaar, maar wordt per 1 januari 2019 verkort naar vijf jaar. De nieuwe looptijd geldt zowel voor reeds bestaande als nieuwe gevallen.

Antoinette Niebeek.

Advocaat: Arbeid, Onderwijs

07 januari 2019 Kennis

Stuur Antoinette een reactie

  • Bescherming persoonsgegevens:
    U kunt erop vertrouwen dat wij uw persoonlijke gegevens verwerken volgens onze privacy policy.